Bloedluis !!!

De ‘rode bloedluis’ is eigenlijk geen luis maar een mijt) wordt ook wel ‘rode bloedmijt’ genoemd.
Dit ongedierte is met het blote oog zichtbaar en heeft 8 pootjes kleur rood tot kleurloos,is 0.8 tot 1mm lang en is
ovaal van vorm. Per dag worden 4/8 eitjes afgezet en afhankelijk van temperatuur en luchtvochtigheid komen deze
uit na 24/48 uur. Levensduur 4/6 maanden,waarvan ze tot 5 maanden zonder voedsel kunnen (Bloed)
Ze zijn zeer lichtschuw overdag verstoppen zij zich in hoekjes en gaatjes. ’s-Nachts komen deze insecten in actie. Zij zoeken de vogels op, die dan rustig op stok of op het nest zitten om bloed te zuigen

 
 
Uiteindelijk kunnen uw vogels ernstige bloedarmoede krijgen . Vooral jonge vogels die in de nestjes liggen zijn gewilde prooien
De eerste verschijnselen zijn bleke bekjes ,(Normaal is de binnenkant van de bek rose tot rood) en algemene vermagering.
En als u niet ingrijpt: totale uitputting, met zelfs de dood tot gevolg. Er zijn verscheidene bestrijdingsmiddelen beschikbaar
.
Bloedluis ed bestrijden met ocepou,ardap, U2, of birdspay, uitroken met koudijs, verander eens regelmatig van product zodat het ongedierte er niet aan wendt.Ook worden tabakstelen in de nestjes gelegt
.
ik zelf gebruikt  roofmijten     dutchy's

Bloedluis

                                                                         
 

wat zijn dutchy’s
 
 
Algemeen.
Dutchy’s® zijn roofmijten uit de familie Laelapidae en komen in grote delen van Europa vrij in de natuur voor. Ze leven in de grond en jagen daar op allerlei bodemorganismen. Wanneer we deze roofmijten uitzetten in dierenverblijven worden ze felle bestrijders van o.a. bloedmijten. Ze jagen de hele dag achter hen aan en doden ze om ze vervolgens op te eten. Het is een kwestie van tijd; de roofmijten komen vrijwel altijd als winnaar uit de bus.

Levenscyclus.
Dutchy’s® zijn ongeveer 1 mm groot. Ze hebben een druppelvormig lichaam, zijn licht van kleur en heel beweeglijk. Ze voeden zich met allerlei organismen, zoals de larven van kleine muggen, springstaarten en verschillende soorten mijten, waaronder ook bloedmijten. De eieren worden in de grond of op een andere geschikte plaats afgezet. Na enkele dagen komen hier de larven uit, die na een aantal vervellingen uiteindelijk volwassen roofmijten worden. Dutchy’s® eten gemiddeld 5 bloedmijten per dag. Wanneer we ze tijdig in zetten zullen ze vaak de ontwikkeling van een plaag voorkomen. Ze zijn ook in staat om flinke aantastingen te bestrijden, maar dan moeten er meerdere roofmijten worden uitgezet.
Wanneer u Dutchy's® heeft ingezet kan het zijn dat u gedurende een periode van een aantal dagen meer bloedmijten gaat waarnemen. Dit komt doordat de bloedmijten door de roofmijten uit hun schuilplaatsen worden verdreven. De roofmijten zullen echter achter hen aan blijven jagen waardoor dit effect na een korte periode weer verdwijnt. Dutchy's® zijn tevens in staat een periode van voedselschaarste te overleven. Er vindt dan alleen geen voortplanting plaats. Ook eten ze elkaar op als dat nodig is. Ze doen niets met onze dieren. Bij blijvend voedselgebrek sterven ze na enkele weken uit.
Een volwassen roofmijt leeft gemiddeld 6 weken.

Leefmilieu.
Dutchy’s® leven bij voorkeur bij een temperatuur van 15 tot 25 ºC. Wanneer de temperatuur onder of boven deze waarden komt gaan ze over in een rustfase. Ze wachten dan rustig af tot de omstandigheden beter worden en gaan dan vervolgens weer op jacht. Wanneer ze worden blootgesteld aan vorst zullen ze vrijwel allemaal afsterven.

Wanneer de roofmijten aangeleverd worden zitten ze verpakt in een kunststof fles met daarin een hoeveelheid strooimateriaal. Er zijn flesjes van 2500 stuks (10 doseringen), 5000 stuks (20 doseringen) en 10.000 stuks (40 doseringen). Wanneer je dit materiaal met een loepje bekijkt zie je de roofmijten tussen de korreltjes bewegen. Het is de bedoeling dat dit strooimateriaal in kleine hoopjes op beschutte plaatsen in het dierenverblijf komt te liggen. In de eerste twee weken komen de roofmijten dagelijks terug in dit hoopje om elkaar te ontmoeten en te paren. Tevens zitten er nog heel veel eieren en larven in dit materiaal die allemaal nog uit kunnen komen. Voor de exacte manier van uitzetten en de doseringen verwijzen wij u naar de specifieke
gebruikershandleidingen.
Dosering.
Wanneer u de roofmijten uitzet bij een lichte aantasting één flesdopje strooimateriaal per vierkante meter voldoende.
Als er sprake is van een middelzware aantasting is het beter om twee, of als het om een ernstige aantasting gaat drie dopjes per vierkante meter dierenverblijf neer te leggen. Deze hoopjes hoeven niet gelijkmatig over het gehele dierenverblijf te worden verdeeld. Langs de zijwanden is prima, als u zich maar aan de hiervoor genoemde doseringen houdt.
U berekend het aantal vierkante meters door de oppervlakte van de bodem en van minimaal 1 zijwand bij elkaar op te tellen.
Gebruik chemische middelen.
Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen kort voor of na het inzetten van Dutchy’s® moet worden afgeraden. Deze stoffen werken nadelig op de populatieontwikkeling van de roofmijten en kunnen er zelfs voor zorgen dat deze geheel afsterven, zodra ze met de restanten van deze stoffen in aanraking zijn gekomen.
Het is verstandig om na het gebruik van deze middelen een wachttijd van minimaal 6 weken in acht te nemen alvorens Dutchy’s® uit te zetten. Wanneer we nestjes ophangen in vooraf behandelde vogelkooien is dit geen probleem, als de nestjes dan maar onbehandeld zijn. Het is wel verstandig om de roofmijten dan alleen in de nestjes uit te zetten.
Gebruik Knoflook.
Er is gebleken dat toevoegingen van knoflook aan het voer schadelijk kunnen zijn voor de ontwikkeling van de roofmijten. Proeven hebben uitgewezen dat bloedmijten en "Zwarte luis" op zich niet veel last ondervinden van deze stoffen. De roofmijten lijken hier echter gevoeliger voor te zijn. Bij verschillende afnemers werd dan ook een verminderde werking van Dutchy’s® waargenomen na het gebruik van knoflook.
 
 
je kunt ze bestellen bij   www.refona.nl